Skip to main content
Artikel | Pensioen Update

Voorstel tot aanpassing AOW- wetgeving aangenomen in Eerste kamer

Retirement
N/A

Door Wichert Hoekert | Juli 2, 2019

Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid vervat belangrijk onderdeel principe-akkoord in een een wetsvoorstel.

Op maandag 17 juni, nog geen twee weken nadat het principe-akkoord over de toekomst van het pensioenstelsel werd gesloten, heeft het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid een belangrijk onderdeel ervan al vervat in een wetsvoorstel. Het betreft de wettelijke vastlegging van de vertraging in de verhoging van de AOW-leeftijd, maar wel slechts voor zover het de eerste vijf jaar betreft. In die jaren wordt de AOW-leeftijd eerst (tot en met 2021) bevroren op 66 jaar en 4 maanden, en daarna voor 2022 verhoogd naar 66 jaar en 7 maanden, naar 66 jaar en 10 maanden in 2023, en naar 67 jaar in 2024. In een nog te volgen wetsvoorstel moet het mechanisme voor jaren nadien worden vastgelegd. Dat zal gebaseerd zijn op de rekenregel dat tegenover elke toename van de macro-resterende levensverwachting met een jaar een verhoging van de AOW-leeftijd met acht maanden staat. Het wetsvoorstel draagt de naam ‘temporisering verhoging AOW-leeftijd’.

In antwoord op kamervragen geeft de minister aan dat het voorstel tot gevolg heeft dat jaarlijks 165.000 tot 220.000 mensen eerder de AOW-leeftijd bereiken.

In huidige wetgeving bestaat een koppeling tussen verhogingen van de pensioenrichtleeftijd en verhogingen van de AOW-leeftijd. Die komt er grofweg op neer dat de verhoging van de pensioenrichtleeftijd tien jaar vooruit loopt op de verhoging van de AOW-leeftijd. Nu de verhoging van de AOW-leeftijd wordt vertraagd, gaat deze koppeling in feite uit de pas lopen. Het verschil tussen AOW-leeftijd en pensioenrichtleeftijd blijft daardoor langdurig betrekkelijk groot, en dat betekent – onder de veronderstelling dat veel deelnemers pensioneren op of rond hun AOW-leeftijd, dan wel vanwege de te introduceren regelingen voor vervroegde uittreding eerder dan dat – dat er naar verwachting veel gebruik zal worden gemaakt van vervroeging. Ten dele zullen daarvoor de condities gelden die in het leven zijn geroepen toen er wettelijke bepalingen werden geintroduceerd voor de conversie van aanspraken naar een hogere pensioenrichtleeftijd zonder instemming van deelnemers. In het huidige voorstel worden de pensioenrichtleeftijd en het onderliggende mechanisme niet gewijzigd. Het ligt voor de hand dat dat in een nog te volgen wetsvoorstel wel het geval zal zijn. Overigens kan daarbij worden aangetekend dat het fenomeen pensioenrichtleeftijd na afschaffing van de doorsneesystematiek minder relevant zal worden.

Een plenair debat over het wetsvoorstel heeft plaatsgevonden op woensdag 19 juni, waarna het wetsvoorstel op 20 juni is aangenomen. Alleen de PVV en FvD stemden tegen. De Eerste Kamer heeft vervolgens op 2 juli ingestemd met het wetsvoorstel.

Contact Us
Related content tags, list of links Artikel Pensioen Update Pensioen Nederland