Artikel

Havenkranen met het schip op reis: een kluwen aan risico’s

Juni 27, 2018
| België

Eén van onze klanten heeft recent twee havenkranen aangeschaft (een nieuwe en een tweedehandse).  Ze bevonden zich in een andere haven dan waar ze zouden ingezet worden en moesten bijgevolg op reis.

Dit organiseren, de risico’s ervan correct inschatten en verzekeren, is makkelijker gezegd dan gedaan. Het bestek van dit artikel is te kort om alle mogelijkheden en hypotheses in detail te onderzoeken. We bespreken enkel de belangrijkste.

De eerste zorg is om het eventuele verlies van of schade aan de kraan correct af te dekken: hoe bepaal je de te verzekeren waarde van de kraan ?

Voor een nieuwe kraan is dit relatief eenvoudig. Men kent de aankoopprijs en kan deze als basis nemen voor het bepalen van de verzekerde som. Afhankelijk van wie de verzekering afsluit, dient dit verhoogd te worden met de kosten (berekenen van hijsplan, aanslagpunten, aanvoeren van de kraan tot naast het schip, het aan boord plaatsen van het schip, lashen en securen, de vracht voor de zeereis, het lossen en ter plaatse stellen in de haven van bestemming, het eventueel monteren en testen). Hier blijkt het belang van duidelijke contract die duidelijk begin en einde van risico’s afbakenen, de verantwoordelijkheden, limitaties en exoneraties ervan. 

Wanneer begint het risico voor de verkoper, wanneer stopt zijn risico, wanneer begint dat voor de koper, idem voor wat betreft de logistieke partners ?  Kranen zijn echter geen standaardgoederen waar je zonder meer de INCO terms kunt op loslaten. Er moet duidelijk worden afgestemd wie wat doet, wie welke kosten ten laste neemt, het schip bevracht, welke verzekering uitneemt vanaf welk moment en plaats en tot waar en wanneer. Er zal blijken dat een cargoverzekering niet de meest adequate oplossing is maar een equipment polis met een uitgebreid aansprakelijkheidsluik al dan niet gecombineerd met een charterer’s liability dekking.

Omwille van hun hoge waarde, omvang, onregelmatige vorm en gewicht hebben kranen als lading eigenschappen waar rekening mee moet gehouden worden. Er kunnen zich problemen voordoen bij het liften van de kranen met schade aan de kraan maar ook aan derden tot gevolg: schade aan de heffende kraan, schade aan de terminal, de kaaimuur, mensen, objecten of het schip. De kraan kan omvallen, in het water vallen en finaal een (constructive) total loss zijn.

Men mag bijgevolg niet alleen denken aan de materiële schade aan de kraan en een correcte verzekerde waarde daarvan maar moet ook rekening houden met lichtingskosten - al dan niet boven de verzekerde som, dit indien de kraan nog een restwaarde heeft maar ook met opruimingskosten (men weet dat de kraan dermate beschadigd is dat ze geen enkele restwaarde meer heeft of de kost om de kraan te bergen wegens diepte, moeilijke positie, bereikbaarheid is hoger dan de restwaarde). In dat geval spreekt men van opruimingskosten en vernietigingskosten. Voor dergelijke objecten voorziet men best bijkomende kapitalen om die risico’s af te dekken. Zoniet bestaat de kans dat de eigenaar van de kraan verplicht wordt om kosten te maken die de verzekerde som van de kraan overstijgen en dus onverzekerd zijn.

We hebben het dan nog niet gehad over schade aan het vervoerende schip: bvb  bij de operaties raakt de kraan (de te verschepen kraan of de behandelende kraan) de radar van het schip waardoor die defect raakt. De reparatiekost ervan kan aanzienlijk zijn maar de demurragekosten van het schip dat gedurende enkele dagen om die reden niet mag uitvaren, belopen een veelvoud hiervan.

Uit het voorgaande blijkt duidelijk dat om een kraan veilig en goed verzekerd te laten reizen, het om meer gaat dan een kraan te kopen, het op een schip te laten zetten dat naar de bestemming vaart om daar gelost te worden.

Contractueel zijn er veel partijen betrokken, de risico’s en aansprakelijkheden dienen gedetailleerd geanalyseerd en afgelijnd te worden, met aandacht voor verzekerde waarden, bijkomende dekkingen, bedrijfsschade en gevolgschade van het te vervoeren object maar met minstens evenveel aandacht  voor schade aan objecten die tot enorme claims voor gevolgschaden wegens gebruiksderving  kunnen leiden.